Meer twintigers bij AA- en NA-meetings ‘We zijn gigantisch gegroeid’

De laatste jaren sluiten veel meer twintigers en dertigers zich aan bij de praatgroepen voor Anonieme Alcoholisten (AA) en drugsverslaafden. ‘De combinatie van alcohol en drugs, die is echt nieuw.’

Het is een aanname die door een spreker in De Telegraaf nog maar eens dunnetjes werd overgedaan aan het begin van de maand. Het thuiszitten tijdens corona zou verslaafden en hun partners zoveel meer hebben geconfronteerd met hun verslaving, dat meer mensen over hun problemen wilden praten met lotgenoten. Maar dat beeld herkent geen van de deelnemers aan de AA-meetings die wij spreken.

‘In coronatijd hadden we Zoom-meetings, toen werd de groep kleiner. Nu hebben we weer de groepsgrootte van vóór corona’, zegt Janny van de dinsdaggroep Groningen centrum. Karel, contactpersoon voor de groep Usquert-Uithuizen, ziet hetzelfde: ‘Tijdens de pandemie waren de groepen zo’n dertig procent kleiner, nu zitten we weer op de originele groepsgrootte.’ En ook Harry van de AA-groep in Winschoten zegt dat er weer iets meer mensen na de pandemie zijn, maar ‘dat is niet aanwijsbaar dóór corona’.

Toch zien de leden wel een andere verandering. Een veel grotere verandering. Er zijn meer jongeren die naar meetings gaan.

‘Je kunt op elke wc bij het uitgaan aan drugs komen’

Nico zit al acht jaar bij de maandagavondgroep van de AA in het noordelijke stadsdeel van Groningen. ‘Vroeger hadden we groepen van negen man, nu zitten we soms wel met negentien. Er zijn echt meer jonge mensen, dertigers, die verslaafd zijn aan alcohol en drugs. Die combinatie is echt nieuw. Dat was eerder niet zo. Eerder waren er vooral veel vijftigers met alcoholproblemen.’

Er is de laatste jaren dan ook flink wat veranderd, zegt Nico, die zelf in de zeventig is en al acht jaar bij de groep zit. ‘Vroeger had je de combinatie van drugs en alcohol bij het uitgaan nog niet. Nu kun je bij elke uitgaansgelegenheid in de wc aan drugs komen. Dat brengt problemen met zich mee.’

Soms zitten we wel met vijftig mensen. Veel van hen zijn midden in de twintig

Inge – Deelnemer NA-groep stad Groningen

Een tijd lang nam Nico’s AA-groep geen drugsverslaafden op. ‘We hebben jaren gehad dat we dat niet wilden, omdat het dan alleen over drugs zou gaan. Nu doen we het meer gestructureerd. Bij ons bespreken ze vooral de alcoholproblemen. We lezen een deel uit ons handboek voor en bespreken dat. Iedereen kan zijn woordje doen. Voor jongere mensen is het fijn dat er ouderen bij zitten.’

Gigantische groei bij NA-meetings

Maar wil je echt kijken hoeveel jongeren bij de praatgroepen zitten, dan moet je niet kijken naar de Anonieme Alcoholisten, zegt Karel van de Usquert-groep. ‘In regio noord zijn er zo’n zeventien AA-groepen van tussen de tien en twintig mensen. Maar de NA, de Narcotics Anonymous voor drugsverslaafden, is veel groter in Noord-Nederland. Die hebben meer dan veertig groepen.’

Narcotics Anonymous volgt dezelfde lijn als de AA. Zo werken ook hier deelnemers met een handboek met twaalf stappen, waarvan de eerste is dat je erkent dat je machteloos staat tegen het middel, en de laatste is dat je kijkt wat je voor iemand anders kunt doen. Ook bezinning en geloof zijn onderdelen van de methode.

‘Er is ontzettend veel animo voor de meetings’, zegt Inge, die zo’n dertig jaar kampt met haar verslaving en nu twee jaar bij de dinsdag- en donderdaggroep van de NA in Groningen zit. ‘Sinds de lockdown eraf is, is het gigantisch gegroeid. Er zijn twee meetings bij gekomen en in de stad zitten we nu op vier meetings in de week. Allemaal goed bezocht. Soms zitten we wel met vijftig mensen. Veel van hen zijn midden in de twintig. Die groep is echt toegenomen. We zijn steeds op zoek naar een grotere ruimte.’

Mental health is geen taboe meer

De cijfers van het Trimbos-instituut geven aan dat het drugsgebruik de afgelopen jaren steeg. Zo ging het aantal xtc-gebruikers van 2,7 naar 3,9 procent van de volwassenen tussen 2017 en 2022. Coke nam toe van 1,8 naar 2,4 procent, en wiet ook: van 7,2 naar 7,8 procent.

TikTok normaliseert het

Nathaly de Wind – Verslavingszorg Noord-Nederland

Toch is het niet zo dat het middelengebruik explosief is gegroeid onder jongvolwassenen, zegt Nathaly de Wind van Verslavingszorg Noord-Nederland. ‘Wij zien dat alcoholverslaving nog steeds verreweg het grootste probleem is.’ Het is volgens haar nog te vroeg om te zeggen welke invloed corona heeft gehad op het drank- en drugsgebruik.

De Wind ziet een andere reden: ‘Een groot verschil met afgelopen jaren is de openheid op sociale media als TikTok. Voor jongeren is het geen taboe meer om het over verslaving te hebben. Kijk bijvoorbeeld naar de hashtag #mentalhealthisgeentaboe, of hoe open voetballer Noa Lang praat over psychische hulp. ‘Ik zit niet lekker in mijn vel, dus zoek hulp’, zegt hij. ‘TikTok normaliseert het.’

‘Het heeft twee kanten. Het algoritme van sociale media werkt zo dat als je eenmaal iets met drugs doet, je alleen nog maar drugs voorgeschoteld krijgt. Je kunt als jongere het idee hebben dat drugs normaal is omdat iedereen het doet. Maar het heeft ook een goede kant. Het maakt het makkelijker om over te praten. Mensen laten zichzelf eerder zien en delen hun ervaringen. Ik heb diep gezeten, jij hoeft dat niet.’

De jongeren zijn minder diep gezonken

Inge – Deelnemer NA-groep stad Groningen

Vijftien helse jaren bespaard

Dat is ook wat Inge ziet bij de NA-meetings in Stad. ‘De twintigers die nu komen, trekken eerder aan de bel. Voor veel oudere deelnemers die er al lang zitten is de NA vaak de stap ná de verslavingskliniek. Maar voor de jongere mensen is het anders. Zij trekken eerder aan de bel, komen bij een psycholoog of hulpverlener en die verwijst ze door naar ons. De jongeren zijn minder diep gezonken. Iemand zei laatst heel mooi: ‘Zij worden vijftien helse jaren bespaard’. Daar ben ik het mee eens.’

Doen het met elkaar

‘De verslavingsklinieken zijn overbezet, maar als je je verslaving op deze manier kunt oppakken met fellows en fella’s kom je een heel eind’, zegt Inge. ‘Het kan voor nieuwelingen heel goed zijn om een verhaal te horen van iemand die al dertien jaar clean is. We doen het hier met elkaar. Je hoeft het niet alleen te doen.’

Ondanks de grote hoeveelheid mensen, en dat een deel misschien niet zo trouw meetings bezoekt als vroeger, zit er veel verbondenheid in de groep. Inge: ‘We hebben soms ook evenementen samen. Dan gaan we bowlen en hoef je een keer niet uit te leggen waarom je niet drinkt of gebruikt. Gaat het even niet goed met iemand, dan is het samen uit samen thuis. We kunnen echt aan elkaar optrekken.’

Ook Nico heeft na acht jaar nog altijd behoefte om over zijn verslaving te praten met anderen: ‘Als je eenmaal verslaafd bent, kom je er niet meer van af. Praten werkt vaak bevrijdend. Je weet precies wat de ander voelt. Dat heb je alleen in onze gemeenschap.’

Vanwege het gevoelige onderwerp is met de geïnterviewden afgesproken alleen hun voornamen te gebruiken. Inge is op verzoek van de geïnterviewde een gefingeerde naam.